Would you like to read this information again? Use the following options:

Alles over Infecties met virussen

Powered by: KNMP logo
  • Algemeen

    Ieder mens komt voortdurend in contact met mogelijke ziekteverwekkers zoals virussen. Door de afweer van uw lichaam leidt dat maar zelden tot een infectie.

    De meeste virussen worden tegengehouden door huid of slijmvliezen. Soms dringt het virus verder het lichaam binnen en spreken we van een infectie. Dan komt uw afweer in actie om verdere verspreiding tegen te gaan: witte bloedlichaampjes, afweercellen en lymfeklieren helpen daar bij. Als het virus zich verder uitbreidt, kunt u klachten krijgen.

    Uw lichaam reageert op de indringer met een ontstekingsreactie. De stoffen die daarbij vrijkomen, geven ziekteverschijnselen. De verschijnselen hangen af van de eigenschappen van het virus en het lichaamsdeel of orgaan waarvoor het virus voorkeur heeft.

  • Herkennen

    Griep en verkoudheden zijn de meest voorkomende virusinfecties. De klachten die daarbij vaak voorkomen, ziet men ook bij vele andere virusziekten: u heeft koorts, hoofdpijn en spierpijn. Het afweersysteem gaat aan de slag om het virus alsnog onschadelijk te maken.

  • Zelf doen

    Veel virusinfecties worden door handcontact en hoesten overgedragen. Handen wassen en wegwerpzakdoeken gebruiken helpt om besmetting te verminderen.

    De meeste virusinfecties zijn onschuldig en gaan vanzelf over. Tegen een aantal virussen kunt u ingeënt worden; daarmee wordt bij baby’s al begonnen.

    Soms moet een inenting worden herhaald. Bijvoorbeeld de griepprik moet elk jaar opnieuw worden toegediend, omdat het virus steeds weer andere kenmerken krijgt.

    Sommige virussen nestelen zich in het lichaam en raakt u nooit meer kwijt, zoals het waterpokkenvirus en het koortslipvirus. Dit is niet gevaarlijk, soms wel lastig.

    De virussen komen in een soort slaaptoestand maar af en wordt zo’n virus weer actief. Mensen die vaker een koortslip hebben weten dat maar al te goed.

    Bron: Nederlands Huisartsen Genootschap.
    Laatst bijgewerkt: 13 december 2007.

  • Medicijnen

    Antivirusmiddelen
    Voor de behandeling van een infectie met een virus worden antivirusmiddelen gebruikt. Deze middelen remmen de groei van het virus. Het virus wordt niet gedood, maar blijft in het lichaam aanwezig. Het kan opnieuw klachten geven. Als een infectie vaak terugkomt, kunnen antivirusmiddelen ook worden gegeven om een infectie te voorkomen. Voorbeelden zijn aciclovir, famciclovir, valaciclovir, cidofovir, ganciclovir en valganciclovir.

    Vaccins
    Om u te beschermen tegen infectieziekten die worden veroorzaakt door virussen, wordt gebruik gemaakt van vaccins. Een vaccin bevat een kleine hoeveelheid aan dode of verzwakte levende virussen. Na injectie met een vaccin maakt het lichaam daar afweerstoffen tegen. Bij contact met het levende virus wordt deze bestreden door de afweerstoffen. Voorbeelden zijn DKTP-vaccin, gelekoortsvaccin en hepatitis A- en B-vaccin.

    Peginterferon alfa
    Peginterferon alfa is een natuurlijk voorkomend eiwit. Hoe het precies werkt, is nog niet helemaal bekend. Peginterferon alfa speelt een rol in het afweersysteem. Het maakt de lichaamscellen ongevoeliger voor virussen, remt de vermenigvuldiging van virussen en verbetert de lichaamseigen afweer.

    DEET
    Sommige virusziekten worden overgedragen door muggen. Muggen kunnen de menselijk huid vinden door te ruiken. DEET ruikt voor deze muggen sterker dan de menselijke geur. Bovendien vinden de muggen deze geur onaangenaam, waardoor ze niet op de huid af komen.